Hoewel de PRO-FIND 40 veel verbetert ten opzichte van zijn voorganger zijn er ook aandachtspunten. Ten eerste is er geen grote technische sprong in functies ten opzichte van de PRO-FIND 35; veel van de verbeteringen zijn verfijningen (meer vermogen, Rapid Re-tune, stabielere ijzer-ID) in plaats van geheel nieuwe mogelijkheden. Voor gebruikers die al een goed presterende pinpointer bezitten, voelt de upgrade mogelijk minder essentieel, tenzij extra diepte of betere ijzeronderscheiding cruciaal is.
Daarnaast kan de verhoogde gevoeligheid in bepaalde omstandigheden ook nadelig zijn: op sterk roestige of zeer metaalertige terreinen kan de pinpointer nog steeds reageren op kleine, corrosieve deeltjes, wat blijft leiden tot frustrerende graafpogingen. De vijf gevoeligheidsniveaus helpen dat te beperken, maar volledig elimineren lukt zelden bij dergelijke vervuiling. Ook het ontbreken van concrete specificaties over batterijduur of exacte zendfrequenties in de handelsinformatie maakt het lastiger om verwachtingen te managen — voor sommige gebruikers is dit belangrijk bij het plannen van lange detectiesessies.
Verder zou sommige gebruikers de prijs-kwaliteitafweging willen maken: robuustheid en waterdichtheid zijn zeer waardevol, maar als je voornamelijk op schoon terrein zoekt of zelden onder water werkt, zijn de extra opties mogelijk niet elke euro waard. Tenslotte: hoewel de behuizing robuust is, blijven mechanische knoppen en de batterijklep punten waar bij intensief gebruik slijtage kan optreden; een goede behandeling en onderhoud zijn dus nodig om lange levensduur te garanderen.